RECO   Home   |   Mijn RECO   |   Contact   |   Links         Sitemap   
Reco Verhuurcenter

 
Bel 071 - 341 91 20     
 
 

RECO Seminar Liftrenovaties RECO Seminar Liftrenovaties RECO Seminar Liftrenovaties

Veel belangstelling voor seminar liftrenovaties

"Verbazend dat er zo weinig liftongelukken gebeuren"

Tijdens het seminar Liftrenovaties, georganiseerd door RECO in samenwerking met Bos Consultancy en het Liftinstituut, kwam onder meer naar voren dat er wel Europese regelgeving bestaat, maar dat die nog niet algemeen voorschrift is. Dat betekent dat er nog steeds enige vrijblijvendheid bestaat en dat er circa 3.000 liften ongekeurd in gebruik zijn. Dit kan nadelig uitpakken voor gebouwenbeheerders en andere betrokkenen als er ongelukken gebeuren. De vraag blijft immers: wie is er verantwoordelijk bij calamiteiten? Uiteraard was er meer te beleven op deze goed bezochte bijeenkomst.

Rob Reigwein, algemeen directeur van RECO in Koudekerk aan den Rijn, deed de aftrap. Hij vertelde onder meer dat de tijdelijke personenlift van RECO - die onder strenge keuringseisen geproduceerd worden - in steeds meer sectoren wordt toegepast.
"Na de invoering van de TP 1000 zien we dat ook in andere sectoren dan de bouw- en renovatiewereld er vraag bestaat naar deze tijdelijke personenlift. Ze zijn inmiddels geplaatst bij NS-stations en tijdens een aantal evenementen. Een bewijs dat men steeds meer kiest voor veiligheid, betrouwbaarheid en gebruikersgemak. Een ontwikkeling die past binnen de SNEL norm, waar we ongetwijfeld in de toekomst mee te maken krijgen."
De TP 1000 was opgesteld op het buitenterrein van Expo Houten. De aanwezigen konden zelf de bijzondere eigenschappen van de tijdelijke personenlift ervaren. De reacties waren enthousiast.

Verantwoordelijk
Koos van Lindenberg van het Liftinstituut was de volgende spreker. Hij schetste de huidige situatie op de liftenmarkt. Er bestaat volgens hem een tendens om eerder te renoveren dan te vernieuwen, mede ingegeven door de huidige recessie.
"De gebouwenbeheerders doen het rustig aan, maar ze moeten wel aan hun zorgplicht blijven voldoen. Dat biedt kansen. Ze besteden hun budget aan een verbetering van de liften. Daarbij moet de verantwoordelijkheid, in geval van een calamiteit, niet vergeten worden. Bij uitbesteding van de zorg van liften aan derden is het belangrijk de zorgplicht vast te leggen in een contract. Dat kan er geen onduidelijkheid bestaan over de aansprakelijkheid. Dat moet niet alleen aansluiten bij de wettelijke verplichtingen, maar het gaat ook om het nemen van de maatschappelijke verantwoordelijkheid. Kortom, een combinatie van veiligheid en duurzaamheid, daar draait het om."

Energielabel
Van Lindenberg ging verder in op de ontwikkelingen in de liftenbranche. Zo gaf hij aan dat men op zoek is naar milieuvriendelijke toepassingen. De snelheid van liften neemt steeds meer toe, ze gaan hoger en er komen meer liften in één schacht.
Hij besluit: "Groen en duurzaam is ook in de liftindustrie een hot item. In de eerste plaats door het gebruik van minder milieubelastende materialen. Verder streven producenten naar energiebesparende alternatieven. En in de derde plaats minder restafval, verpakking en vooral minder smeermiddelen. Ook in deze branche wordt het energielabel van lieverlee ingevoerd. De gemeente Rotterdam legt de lat erg hoog wat duurzaamheid betreft, de eisen worden steeds strenger."

Onderhoud
De volgende spreker was Joost Aberkrom, van Bos Consultancy, Hij ging in op het onderhoud van liftinstallaties en wat daarbij verbeterd kan worden.
"Gezien de ervaringen met de Arbo wetgeving en de VOK lijst (Veiligheid Onderhoud en Keuring, red.) zijn we nogal huiverig geworden voor nieuwe wetgeving op het gebied van liften. Door de indeling in categorieën is het moeilijk om aan te geven wat noodzakelijk is. We houden vrijwel altijd restpunten over in het keuringsrapport. Daarnaast is het in de praktijk zeer moeilijk gebleken om de situatie bij individuele liften objectief te beoordelen en vast te leggen. Met als gevolg dat er telkens weer nieuwe zaken worden geëist."

SNEL
Misschien is volgens Aberkrom dat mede een overweging geweest van de overheid om de SNEL (Safety Norm for Existing Lifts) nog niet in de wetgeving te implementeren. "We weten echter allemaal dat het onderhoud er de laatste jaren niet op vooruitgaat. Dat constateren we door het stijgende aantal storingen, klachten van gebruikers en vervuiling van installaties. Recent onderzoek toont aan dat 20 procent van de geplande onderhoudsbeurten niet plaatsvindt. Elders las ik dat 20 procent van de geplande keuringen wordt afgezegd door liftenfirma's. Een groot aantal liften in Nederland is in gebruik zonder geldig certificaat. Het is verbazend dat er zo weinig ongelukken met liften gebeuren."

Helft
Aberkrom gaf nog wat meer cijfers. Meer dan drie miljoen liften zijn vandaag in gebruik binnen de Europese Gemeenschap en Europese Vrijhandelsorganisatie. De helft hiervan is meer dan 20 jaar oud.
"Deze liften zijn vervaardigd volgens het toen geldende veiligheidsniveau. Dit niveau is lager dan de huidige stand van de techniek voor veiligheid. Nieuwe technologie en sociale verwachtingen hebben geleid tot de huidige eisen voor veiligheid. Gebruikers verwachten deze veiligheid ook. De SNEL norm zou daar duidelijkheid over kunnen geven."

Selectief
"De SNEL norm onderscheidt categorieën van gevaren en gevaarlijke situaties. Deze zijn geanalyseerd volgens een risicobeoordeling. Verder is deze norm bedoeld om correctieve acties te nemen. Zo kunnen we stap voor stap de veiligheid van alle bestaande personen- en personen-goederenliften verbeteren tot de huidige veiligheidsnormen. In de derde plaats maakt SNEL het mogelijk elke lift apart te beoordelen. Dan stellen we veiligheidsmaatregelen vast die we op een selectieve wijze invoeren. Dat allemaal in overeenstemming met de frequentie en zwaarte van elk afzonderlijk risico. Last but not least geeft deze norm een opsomming van hoge, gemiddelde en lage risico's."

Planning
"Dit betekent niet dat we klakkeloos alle voorgestelde maatregelen direct moeten invoeren. Integendeel. Afhankelijk van de lift moeten we een selectie maken van de maatregelen en deze gefaseerd invoeren. Het gaat anders gezegd om een planning. De SNEL norm zegt dat het beleid erop gericht moet zijn de veiligheid bij bestaande liften te verhogen. Daarbij moeten we rekening houden met de individuele lift en economische haalbaarheid. De norm is echter niet opgenomen in de wetgeving en dus vrijblijvend. Dat past in het beeld dat de overheid heeft van een zelfregulerende markt. Zij legt nadrukkelijk de verantwoordelijkheid en de aansprakelijkheid bij de marktpartijen."

Toetsing
Woningbouwverenigingen zijn volgens Aberkrom maatschappelijk verantwoord opererende organisaties. Ze hebben oog voor welzijn en veiligheid. In dit beleid hoort wel een toetsing van de techniek. Dat is pas goed gebouwenbeheer, conform het beleid voor cv-ketels en dergelijke installaties.
"Ook het kostenaspect mag niet onderbelicht blijven. Met deze norm in de hand moeten we min of meer veiligheidsverhogende maatregelen plannen. Daarmee kunnen we de begroting voor de komende jaren op orde krijgen en goede prijsafspraken maken."

Besparing
"Om af te sluiten: het beheer van liften is in toenemende mate een activiteit die kennis van zaken vereist. Vaak is er geen eenduidig beleid voor de aanpassingen aan nieuwe eisen. Daarbij komt dat de betrokken partijen enkel vanuit hun eigen belang denken. Door een onafhankelijke partij in te schakelen kan er een besparing optreden van 20 tot 30 procent van de operationele kosten bij een gelijkblijvende prestatie van de liften. Daarnaast is er het voordeel van een verbetering van de efficiency."

Meer informatie over de TP 1000

Lees ook het artikel in Weekblad Facilitair

    Vrijdag 18 mei 2012  12:42